Over mij
Laat ik me even voorstellen…
Ik ben Esther. Mijn kunst is ontstaan uit verdriet. Natuurlijk, ik was altijd wel creatief. Ik hield van schrijven, van lezen, van tekenen en knutselen. Maar om daar echt wat mee te doen, daar is het nooit van gekomen. Tot die verschrikkelijke dag een paar jaar geleden, waarop het ondenkbare gebeurde.
Het was donderdagmiddag 5 augustus 2021. Een warme, zomerse namiddag. Ik had net mijn werk voor die dag afgerond en verheugde me op een koud drankje in de zon, toen mijn telefoon ging. Het was dat telefoontje waar je als moeder altijd bang voor bent.
Mijn oudste zoon Niels (24) was tijdens een fietstochtje in de Belgische Ardennen aangereden en het was erg. We moesten direct komen. Mijn man en ik sprongen in de auto en reden naar het ziekenhuis waar hij was heengebracht. Daar volgde een lange, bange nacht. Niels overleefde het niet. Hij werd de volgende dag hersendood verklaard.
Mijn wereld stortte in. Ik kon maar niet geloven wat er gebeurd was, dat mijn kind dood was. ‘Wat erg,’ zei iedereen. ‘We weten niet wat we moeten zeggen.’ Meestal knikte ik maar wat. ‘Ik ook niet,’ zei ik dan. En het was waar. Ik kon niemand uitleggen hoe ik me voelde.
Een paar weken na de dood van Niels gingen we terug naar zijn kamer in Amsterdam. En daar, op de rand van zijn bed, schreef ik mijn eerste gedicht. Ik had mijn taal gevonden. De woorden bleven komen en met de woorden kwamen de beelden. Schrijven en schilderen werden mijn reddingsboei.
In mijn gedichten geef ik woorden aan het onmetelijke verdriet. Als ik schilder kom ik tot mezelf, voel ik me een beetje mens en kan ik soms zelfs even echt genieten zonder de zwaarte van het verlies. Het is heerlijk om in een schilderij op te gaan en te verdwalen in de schoonheid van een beeld in wording. Ik schilder mij letterlijk even weg.
‘Wat fijn dat je het zo een plekje kunt geven,’ hoor ik wel eens. Het is goed bedoeld, maar een enorme dooddoener. Het is niet een kwestie van ‘een plekje geven.’ Het verlies blijft, het wordt niet minder. Het gaat niet weg of over. Het blijft deel van je leven. Je moet er mee leren leven. Het leven wordt nooit meer zoals het was. Je kan niet terug in de tijd. En ook niet naar wie je was, daarvoor. Je moet jezelf weer helemaal opnieuw uitvinden.
Door mijn kunst heb ik een weg gevonden. Ooit, toen alles nog was zoals het hoorde, had ik een stiekeme droom. Ik wilde heel graag nog eens een boek schrijven. Maar ik begon er nooit aan, omdat ik twijfelde of ik de wereld wel echt wat te vertellen had. Hoe anders is dat nu. ‘Jij geeft woorden aan wat ik voel,’ zei een lotgenote tegen mij. ‘Blijf alsjeblieft schrijven!’ dat was precies de aanmoediging die ik nodig had.
Er is in onze maatschappij een groot taboe op rouw. Nog steeds. Ik ervaar het elke dag aan den lijve. En het kan niet anders of anderen ook. Verlies, het komt in vele gedaanten en we krijgen er allemaal mee te maken. Het is heel bijzonder om met mijn kunst anderen een hart onder riem te kunnen steken. Of het nu mijn gedichten zijn, mijn schilderijen of mijn kaarten. Dat mijn kunst raakt, verbindt, kan helpen en troosten, dat raakt mij diep. Ik twijfel er niet meer aan dat ik de wereld iets te vertellen heb. Het is mijn missie te helpen het taboe op rouw te doorbreken. Verdriet mag er zijn!